358

Ik doe het twaalfstappenprogramma van Alcoholics Anonymous ( AA ).

Eerder heb ik een morele inventaris van mijn leven heb geschreven en alles opgebiecht aan een medemens ( stap 4 en 5 ).

Nu ben ik bij stap 9 waar ik excuses maak aan alle personen die ik ooit pijn heb gedaan door mijn gedrag.

De meeste mensen heb ik al gesproken. Ik ben bijna klaar. Nu moet ik alleen nog naar twee cafés waar ik ooit de rekening niet heb betaald. Dat ga ik deze week doen.

Het twaalfstappenprogramma is best heftig, maar ik geloof er wel in. Ik ben al zo erg opgeknapt sinds ik ermee ben begonnen.

Bovendien houd ik van het morele aspect. Als ik de hulp van God wil, dan moet ik eerlijk naar mezelf kijken en de door mij aangerichte schade aan anderen goedmaken. Dat idee komt van Jezus, die in Mattheus zegt:

‘Wanneer je jouw offergave naar het altaar brengt en je daar herinnert dat je broeder of zuster je iets verwijt, laat je gave dan bij het altaar achter; ga je eerst met die ander verzoenen en kom daarna je offer brengen.’

De boodschap is duidelijk. Voordat ik de hulp van God kan verwachten, moet ik eerst de ruis tussen mezelf en mijn medemensen wegnemen.

Ik voel me behoorlijk vreemd door dit alles. Het is alsof oude gedragingen stoppen en mijn maskers verdwijnen. Nu moet ik opnieuw beginnen. Dat is onwennig en eng.  Oude patronen vervagen, waardoor God me kan vormen tot een nieuw mens.

Nu maar hopen dat dat nieuwe mens het leven een beetje aankan. Dat zal nog een hele strijd worden. Het is alsof ik naakt ben, onbeschermd door oude afweermechanismes en maskers.

Ik zal nieuwe patronen moeten aanleren en mijn toevlucht niet meer zoeken in oud gedrag, maar in gezonde activiteiten. Dat zal tijd kosten.

Ik moet geloven in mijn nieuwe toevlucht. Dat is de spirituele gemeenschap van de AA. En boven alles geloof in God, die dit mogelijk heeft gemaakt.

Advertenties
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close