73

Ik was vandaag bij de psychiater, een vrouw van middelbare leeftijd, ze heet Marit. Ik had haar net verteld dat ik van plan ben het aardse leven achter me te laten. Ze staarde me vreemd aan. ‘Wat wil je daarmee bereiken?’

‘Nou, kijk, ik wil rust. Daar word ik blij van. Maar in deze maatschappij wordt dat moeilijk, en zelfmoord plegen mag niet.’

‘Vanwege je geloof?’

‘Inderdaad. Het leven is een test. Als ik zelfmoord pleeg zal mijn ziel verder afzakken. Dan wordt ik misschien in een volgend leven een hond. Of erger nog, opnieuw een mens. Heb jij trouwens nooit zelfmoordneigingen? Ik las ooit dat psychiaters vaak zelfmoord plegen.’

Marit schudde haar hoofd. ‘Laten we het bij jou houden. Zijn er nog andere opties om je wat blijer te maken?’

‘Jawel, mediteren en sporten en zo. Maar dat wordt ook saai. Gisteren ging ik uit verveling naar een tentje waar ze snacks en vis verkopen. Toen ik daar was, dacht ik: leuk, ik blijf hier zitten en ga patat met kibbeling eten. Dus ik bestelde en nam plaats. Toen hoorde ik iemand praten. Een man was luidruchtig aan het telefoneren. Ik ergerde me en wilde het liefst mijn patat en vis over hem heen gooien. Maar toen dacht ik, dan wordt het ruzie en wat heb ik daar aan? Dus ik at rustig verder. Vervolgens liep ik naar huis en dacht: Waarom loop ik hier eigenlijk?’

Marit knikte alsof ze het begreep, maar zei niets.

Ik keek de kamer rond. ‘Kan ik hier niet werken?’

‘Als wat?’

Ik haalde mijn schouders op. ‘Ondersteuning van de praktijk of zoiets. Dan neem ik de telefoontjes aan. Of ik maak schoon. De wachtkamer kan wel een poetsbeurt gebruiken. En dan zet ik koffie voor mijn lotgenoten terwijl ik een praatje met ze maak. Leuk toch?’

‘We hebben geen vacature, ‘zei ze. ‘Heb je nog iets van de plantenkwekerij vernomen waar je had gesolliciteerd?’

Ik maakte een wuivend gebaar. ‘Een ander onderwerp, graag.’

Marit keek op haar horloge. ‘Het is alweer tijd.’

Ik stond op. ‘Mooizo. Bedankt voor de moeite weer. Vind je het trouwens goed als ik onze gesprekken voortaan op mijn blog zet?’

Ze kwam overeind en keek me streng aan: ‘Alleen als je mijn naam niet gebruikt.’

Ik stak een duim op. ‘Ik verzin wel een alias. Heb je een voorkeur?’

Ze schudde haar hoofd.

‘Dan noem ik je Marit.’

‘Helemaal goed,’ lachte ze en deed de deur open. ‘Tot de volgende keer, Mathijs.’

‘Dag dokter.’

Advertenties
search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close