21

Ik zit tegenover een vrouw van veertig met wie ik via Tinder heb afgesproken. Ze heeft lang donker haar dat er onverzorgd uitziet alsof het in tijden niet gewassen is. De vrouw hangt een of andere stroming aan die het gebruik van zowat elk middel afraadt.

Ze vertelt over het milieu en hoeveel dat voor haar betekent en ik zegt steeds ‘ja,’ en ‘oké.’ Ik vraag mij af of ik een nieuwe pc moet kopen, want die ik nu heb doet vreemd.

Het gesprek gaat intussen over Marianne Thieme. Ik vertel bij de laatste tweede kamer verkiezingen op haar gestemd te hebben. De vrouw is zichtbaar tevreden.

‘Jij nog een bakkie?’ vraagt ze terwijl ze met een ruk overeind komt en haar lege theeglas en mijn koffiebeker van tafel grist.

‘Prima,’ zeg ik en als ze naar de bar loopt check ik op mijn telefoon de prijs van een computer met i5 processor op de website van Cool Blue.

De vrouw gaat weer tegenover me zitten en plotseling ruik ik een vies geurtje. Misschien heeft ze een scheet gelaten bij de bar, en om die gedachte moet ik grinniken. De vrouw kijkt me stralend aan, heft haar glas en zegt: ‘Proost.’

Ik tik haar glas aan en neem een slokje koffie die heerlijk smaakt. En terwijl de vrouw praat over subsidie voor biologische landbouw in Kenia vraag ik me af hoeveel een koffieautomaat kost die zulke lekkere koffie maakt. De vrouw vraagt of ik wat over mijn passie ‘schrijven’ wil vertellen.

‘Ik schrijf over alles uit het dagelijks leven,’ zeg ik.

‘Alles?’

‘Bijna wel.’

‘Dus ik lees straks over onze date in een boek?’  vraagt ze, met een quasi bezorgde blik.

‘Och,’ zeg ik. ‘Een boek weet ik niet, maar je leest het vast ergens terug.’

De vrouw begint hard te lachen en zegt dat ik mysterieus ben. Vervolgens praat ze nog zo’n half uur over de bio-industrie. Als we even later afscheid nemen en elkaar beloven te appen, weet ik dat ik haar nooit meer zal zien.

search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close