Wandelen en Tinderen

Een koude namiddag in december. Ik wandel door het park en zie mensen en honden. De viervoeters blaffen en rennen vrolijk rond. De mensen stralen zelfvertrouwen uit. Waarom?

Waarom functioneren de meeste mensen zonder zich de hele tijd af te vragen waar ze mee bezig zijn? Het stemt me droevig.

De waarheid is dat ik jaloers ben. Natuurlijk zou ik ook graag dom zijn. De dommen zijn zalig zoals in de Bijbel staat. Het probleem met deze groep domme mensen, verreweg de meerderheid, is dat ze mij lastig vallen met hun beperktheid. Zij vormen de maatschappij, kiezen een regering en bepalen normen en waarden. Seneca schreef al hoe pijnlijk het is tussen de massa te leven. Seneca las ik als vijftienjarige. Zoveel jaren later, hier in dit park, dreunen zijn woorden nog steeds door. De wereld is een vreemde plek.

Een man loopt met zijn borst vooruit en kin in de lucht. Ik wil naar hem schreeuwen: dwaas, waarom zo trots? Een vrouw met een bontjas lacht alsof de wereld aan haar voeten ligt. Waarom? Hoe kun je lachen als je weet hoeveel er geleden wordt? Hoe kun je lachen terwijl je binnenkort verdwenen bent?

Ik blijf staan en staar naar een boom. Vroeger werd er nog nagedacht. Toen waren geestelijken en filosofen belangrijk. En nu? De wereld is verloren. Als je dat niet voelt, ben je gelukkig. Dan is je ziel reeds gestorven.

Ik loop verder. Als wij willen slagen in de wereld, moeten wij hard als steen worden. Dat denk ik terwijl de regenachtige koude hemel begint te schemeren. Ik installeer me op een bankje aan de waterkant. Eendjes kwaken in de verte. Mijn telefoon zoemt. Een Tinder bericht van ene Saskia.

‘Lekker van het weekend aan het genieten?’

‘Ja.’

‘Wat ben je aan het doen?’

‘Ik zit op een bankje.’

‘Aan het relaxten?’

‘Ja.’

‘Hihi. Moet ook gebeuren.’

‘Ja.’

‘Man van weinig woorden? Hihi, lekker mysterieus. Wat doe je voor werk?’

‘Junior administratief medewerker van het financieel management van de gemeente.’

‘Wat interessant!’

Ik doe mijn telefoon weg en steek een sigaret op. Hoeveel rondjes zal deze verdorven aarde nog draaien? Kapitalisme viert hoogtij. Het enige dat mensen naast hun gezinnetje nog snappen is productie en geld. Partner, kind, iPhone, Netflix en De Wereld Draait Door. En niet te vergeten Tinder.

Ik kom overeind en slenter naar huis. Ik ben verslaafd. Zeker weten. Omdat ik alles misbruik. Niet alleen drink ik soms teveel alcohol. Ook gebruik ik sigaretten, koffie, medicijnen. Tinder, sport, tv en schrijven. Maar ik denk: Wie is niet verslaafd? Het enige verschil tussen een groef en een graf is de diepte.

Een man loopt me tegemoet. Ik zeg ‘Goedenavond,’ maar hij reageert niet. Mijn telefoon zoemt een paar keer achtereen. Saskia heeft gestuurd dat ze werkt als accountmanager bij een grote uitzendorganisatie. Ze winkelt graag. Ook doet ze aan  bodypump. Familie en vrienden zijn belangrijk voor haar. Ze heeft een ontzettend leuk leven, maar mist die ene persoon die alles compleet maakt.

Thuisgekomen ga ik op de bank liggen en scroll door mijn Spotify afspeellijst en klik op ‘What a wonderful world’ van Louis Armstrong. Dat liedje heeft hij dronken geschreven.

Ik stuur naar Saskia: ‘Wanneer spreken we af?’

‘Hihi. Dat is wel erg snel. Eerst even gezellig chatten?’

‘Waarover?’

‘Vertel bijvoorbeeld eens hoe je weekend was.’

‘Fantastisch.’

‘Wat heb je voor leuks gedaan?’

‘Gewandeld.’

‘Even lekker uitgewaaid?’

‘Ja.’

‘Ik ben met vriendinnen uit eten geweest.’

Ik zucht en leg mijn telefoon weg. Terwijl mijn ogen dichtvallen, denk ik bij mezelf: Wat een prachtige wereld.

search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close